Artisjok (Cynara Scolymus L.)

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mail

Inhoud: * Historiek
* Plantenprofiel * Bloeitijd * Voorkomen
* Gebruikte delen * Inhoudsstoffen * Werking
* Indicaties * Contra-Indicaties * Bijwerkingen
* Interacties * Doseringen * Synergie
Artisjok
Artisjok (Cynara Scolymus L.)
Familie > Wilde Planten > Asterfamilie

Historiek

De artisjok staat te boek als een van de langst verbouwde gewassen.  De artisjok is afkomstig van de wilde artisjok, de kardoen.

Haar oorsprong ligt naar alle waarschijnlijkheid in Perzië en Turkije, vanwaar deze geschubde lekkernij zijn weg vond naar omliggende streken. De naam is een verbastering van het Arabische woord al'quarshuf.

Al ver voor onze jaartelling waren artisjokken uitermate geliefd bij de Egyptenaren, waar men afbeeldingen terug gevonden heeft op de wanden van grafkamers, en vermoedelijk kwamen de Romeinen er mee in contact via Carthago.

Ook bij de oude Grieken en in Klein-Azie kende men de artisjok. Voor de oude Grieken was een feestmaal niet compleet zonder de artisjok. De artisjok is trouwens een van die zeldzame levensmiddelen die het door de jaren heen goed gedaan heeft als voedingsmiddel en als medicijn (b.v. Dioscorides beveelde artisjok aan als diurethicum en aphrodisicaum en zelfs tegen okselzweet).  Het naamdeel 'Scolymus' van artisjok komt trouwens van het Griekse Scolybos - eetbare knol

In Europa werden de eetbare bloemknoppen begin 16e eeuw gebruikt als groente en sierplant in kloostertuinen. Dankzij het contact met de Arabische geneeskunde (o.a. met het 'Canon Medicinae' van Avicenna) raakten ook de medicinale eigenschappen bekend.

De artisjok werd vanaf dan medicinaal gebruikt met betrekking tot de gal en de lever. Een van de troeven van de artisjok is dat ze vezels bevat die zorgen voor een goede darmtransit. Ook zorgt de artisjok voor een goede opname van mineralen in het lichaam. De extracten van de bladeren kunnen gebruikt worden om gal- nier- en leverziekten zoals geelzucht, anemie en arteriosclerose te bestrijden of tegen te gaan

Tot in de 18e eeuw was de artisjok populair bij de Franse adel. De plant werd in die kringen gezien als een teken van rijkdom.

Hoewel we artisjokken als groente eten betreft het hier evenals de tomaat een twijfelgeval. De ongeopende bloem bevindt zich op het kruispunt waar fruit, groente en bloemen samenkomen. De uit deze distel voortgekomen enorme blauwviolette bloemhoofden blijven hoe dan ook intrigeren.

Opgepast er is ook nog de 'Artisjok van Jeruzalem' maar deze heeft niets te maken met artisjokken noch met Jeruzalem. de 'Artisjok van Jeruzalem' is een soort zonnebloem. Omdat de smaak van de knol lijkt op die van artisjok en als naamverbastering uit Girasole (italiaans voor zonnebloem) is door Samuel de Champlain, de Franse ontdekkingsreiziger, de naam 'Artisjok van Jeruzalem' de wereld in gestuurd

 

Plantenprofiel

De artisjok (Cynara scolymus) is een plant uit de composietenfamilie (Asteraceae).

"Van desen Distelen vindtmen nu ter tijt twee gheslachten/ een met breeden bladeren die niet en steken/ datmen Artichauts heet/ ende een andere met stekende seer ghecloven bladeren/ ende dit wordt Chardous ghenaemt". (Cruijdeboeck deel 4 van R. Dodoens)

Het is een kweekplant die al in de 15de eeuw is veredeld van de Zuid-Europese in het wild groeiende kardoen. Vooral in Zuid-Europa, waar de plant in het zonnige klimaat beter gedijt dan in West-Europa, is het een bekende groente en voor velen een delicatesse.

  • het is een overblijvende, niet geheel vorstbestendige, kruidachtige plant met een wortelstok (80 cm diep), die zich ondergronds wijd vertakt.
  • in het 1ste jaar vormt de artisjok een bladrozet van diep ingesneden, tere, viltige, grijs-groene bladeren die 80cm lang en 40cm breed worden.
  • vanaf het 2de jaar verschijnt een 1,5 tot 2m hoge stengel met grote, ingesneden, zilvergrijze bladeren met bovenaan de stengel een vuistgrote bloemknop van ongeveer 15cm doorsnede.
  • bloemen in hoofdjes en puntige omwindselbladeren, de bloemknop heeft ovale leerachtige schutbladeren die onderaan vlezig zijn. Meestal worden deze voor de bloei afgesneden, zo niet dan verschijnt er een distelachtige bloeiwijze met hemelsblauwe tot paarse buisbloemen. 
  • prikkelbare meeldraden: bij aanraking met bijvoorbeeld een bijentong of -poot trekken de helmdraden zich samen en komt er een snuifje wit stuifmeel vrij uit de helmknoppen.
  • de vrucht is een pluizige behaarde dopvrucht.
  • de vlezige schutbladeren van de gesloten bloemknop worden als groente gegeten. Voor deze teelt worden stekelloze planten gebruikt, die vegetatief vermeerderd worden.
  • de oogst van de nog gesloten bloemknoppen gebeurt in de maanden augustus en september, na de oogst wordt de bloemstengel uit de plant gesneden. De planten moeten gedurende de winter vorstvrij worden gehouden door ze af te dekken met stro en plastic.

Nauw verwant aan de artisjok is de kardoen (Cynara cardunculus), waarvan eveneens delen worden gegeten. Beide worden meestal distels genoemd, al zijn ze geen eigenlijke distels (geslacht Carduus).

 

Bloeitijd

In de vroege zomer of late herfst zal de artisjok over gaan tot bloei.
De fel-paarse kleuren zijn erg mooi en daarbij ook lekker wanneer ze in een vroeg stadium geplukt zijn.

 

Voorkomen

De artisjok is gekweekt uit de kardoen die nog steeds in het wild voorkomt. De oorsprong ligt waarschijnlijk in Perzië en Turkije.

De plant vereist een diepe, rijke, luchtige, vochtige maar goed doorlaatbare grond. Ze heeft veel ruimte warmte en zon nodig en groeit niet in de schaduw, ze verdraagt sterke wind.

Verzamel de bladeren van de 1ste jaar bladrozet, in het 2de jaar kunnen eventueel de bladeren tijdens de bloei worden verzameld (medicinaal). De bloemknoppen worden verzameld voordat ze open gaan (culinair).

De vermeerdering van de artisjok kan gebeuren op 2 manieren:

Zaaien

Bij deze generatieve vermeerderingsmethode kan je vanaf maart-april gaan zaaien in potjes bij een temperatuur van 18-20 °C .
Temperatuur is hierbij van groot belang voor een vlotte kieming.
Het zaaien verloopt vrij vlot en na 1 of 2 weken gaan de zaailingen kiemen.
Een nadeel bij het zaaien kan zijn, dat de gezaaide planten terug stekelige bladeren zullen krijgen, die er normaal door de jaren heen uit zijn geselecteerd.
Bij gezaaide planten bent u dus nooit zeker welke blad en knoptypes u zult krijgen. Men plant de zaailingen na de eisheiligen uit, de plant heeft ongeveer 1 m2 plaats nodig, ze mag 3 à 4 jaar op dezelfde plaats gezet worden nadien is plaatswissel gewenst. 

Wortelstek

Een andere en doeltreffende methode bij de vermeerdering van de artisjok is het toepassen van wortelstekken.
Hierbij worden deeltjes van de wortel afgesneden en opgepost.
Zorg er telkens voor dat er een groeipunt aanwezig is op de wortel zodat deze gauw kan gaan uitlopen.
Deze methode wordt het meest aangeraden en is te vergelijken met het scheuren van planten.
Je past hierbij een vegetatieve vermeerdering toe die ervoor zorgt dat u telkens dezelfde planten terug bekomt als die van de moederplant.
De soortechtheid blijft dus en verliest geen eigenschappen.

De artisjok is, mits bescherming, een doorlevende groente.
Bedek de plant dus gedurende de winterperiode met stro of bladafval.
Op die manier zal de plant niet gaan afsterven door vorst.

 

Gebruikte delen

 Bladeren (Folia Cynara) voor medicinaal gebruik; de bloemknoppen (culinair als groente)

 

Inhoudsstoffen

  • bitterstoffen: 0,5 tot 6%, sesquiterpeenlactonen zitten in de groene delen van de plant. Het bitterstofgehalte is het grootst vlak voor de bloei en tijdens de periode van de vruchtrijping
  • fenolzuren: cynarine
  • flavonoïden
  • fytosterolen
  • enzymen: bvb cynaras, dat bloedsuikerverlagend is
  • inuline, monosacchariden
  • 12 tot 15% mineralen

 

Werking

  • cholerische of galvormende en cholagoge of galdrijvende werking. Door samenwerking van de verschillende inhoudsstoffen wordt een grote toename van de galafscheiding in de dunne darm bereikt.
  • ontkrampend op de galwegen
  • hepaticum: stimuleert de algemene leverfuncties
  • leverbeschermend en levercelherstellend
  • ondersteunt de leverreiniging, ontgiftend
  • mild laxerend
  • cholesterolverlagend
  • matig diureticum

 "Artichouts sijn werm ende drooghe van natueren tot in den tweeden graedt als Galenus crijft. Die wortel van Artichauts in wijn ghesoden ende ghedroncken iaecht af duer die urine alle quade vuylicheyt des bloets/ ende doet dat water stincken ende swaer van ruecke worden/ ende verdrijft/ ende gheneest mits dyen den quaden stanck van den oocxselen/ en van den gheheelen lichaem. Die selve wortel met azijn vermenght gheneest alle quade ruydicheyt ende scorftheyt daer op ghestreken. Die bollen voor spijse inghenomen verwecken ende maken lust tot byslapen/ ende als zy rouw ghegheten worden sonderlinghe als sy oudt sijn zoo sijnse quaet om verteeren/ daer om eest beeter datmense ierst siede ende dan ete." (Dodoens R. uit het Cruijdeboeck van 1554).

Kommissie E: raadt de plant aan bij spijsverteringsproblemen, vooral als deze door verstoring van het gal-lever systeem voortkomen.

 

Indicaties 

  • gebrek aan eetlust door een gebrekkige galafscheiding en/of het slecht verdragen van vetten
  • bij zwakke leverwerking en leverontsteking
  • beschermend en herstellend na alcoholmisbruik of andere leverbelasting door schadelijke stoffen
  • constipatie door slechte leverwerking
  • bij verhoogd cholesterolgehalte, preventie van arteriosclerose
  • als adjuvans bij oedemen en nierproblemen
  •  

    Contra-indicaties

    • organische obstructie van de galwegen, zoals een ingeklemde steen of tumor
    • acute hepatitis
    • galblaasemphyseem
    • darmparalyse of ingeklemde darm
    • zogende moeders omwille van de remmende werking op de melksecretie
    • bij allergie op artisjok, of andere leden van de composietenfamilie

     

    Bijwerkingen

     Aan het begin van de inname van artisjok, kan de stoelgang lichter van kleur worden

     

    Interacties

    • gunstige en versterkende werking met andere cholesterolverlagende middelen
    • er zou een invloed kunnen zijn op de werking van bloedsuikerverlagende medicijnen en insuline 

     

    Doseringen

    Inwendig:

    • gemiddelde dagdosis van 6gr gedroogd artisjokblad
    • moedertinctuur: 3x/dag 30 druppels voor de maaltijd
    • afkooksel van de bladeren (zeer bitter): 20 tot 40gr op een liter water, 1 kop drinken 15 tot 30 min voor de maaltijd
    • infuus: 1 theelepel op een kop heet water, 15 tot 30 min voor de maaltijd
    • nebulisaat (1:6): 50 tot 200 gr, 2 tot 3 maal daags
    • perssap van de bladeren: 3x /dag 1 tot 2 eetlepels voor het eten
    • wijn: artisjokbladeren in rode wijn laten macereren
    • als groente wordt de nog niet geopende bloemknop gebruikt waarvan de onderzijde van de schutbladeren en de bloembodem eetbaar zijn. Na het koken moet het snel worden gegeten want anders ontstaan er giftige stoffen na een tijd

    Uitwendig:

    geen behandeling bekend

    Synergie

    De artisjok wordt niet echt met veel andere kruiden gecombineerd. Toch zijn een paar combinatiesnoemenswaardig:

    • Met Foeniculum vulgare (Venkel, vruchten) bij darmkrampen
    • Met Silybum maríanum (Mariadistel, vruchten) ter bescherming van de levercellen (alcohol, medicijnen] na overmatig alcoholgebruik, ter bevordering van de leverfuncfie,
      ter onfgifting van de /evenlever, bij lever- en galaandoeningen
    • Met Taraxacum officínale (Paardebloem wortel) en Arctium lappa (Grote klit, wortel), gelijke delen, bij geelzucht, 30 druppels voor de 3 hoofdmaaltíjden
    • Met Betula pubescens/pendula (Ruwe/zachte berk, blad) in een vochtafdrijvend mengsel, o.a. bij de aanpak van overgewicht
    • Met Zingiber officinale (Gember. wortel) en Melissa officinalis (Citroenmelisse, blad) bij maag/darmkrampen bij een nerveuze maag, bij gevolgen van emoties en stress op maag en darmen

    Literatuurlijst en Referenties * Top