Copyright © 2017 Liber Vitae.
Het materiaal op deze website is zuiver informatief. Doe niet aan zelf-medicatie en raadpleeg altijd een arts of apotheker als je klachten hebt.

Klein kaasjeskruid (Malva Neglecta)

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mail

Inhoud: * Historiek
* Plantenprofiel * Bloeitijd * Voorkomen
* Gebruikte delen * Inhoudsstoffen * Werking
* Indicaties * Contra-Indicaties * Bijwerkingen
* Interacties * Doseringen * Synergie
Klein kaasjeskruid
Klein kaasjeskruid (Malva Neglecta)
Familie > Wilde Planten > Kaasjeskruidfamilie

Historiek

Groot- en klein kaasjeskruid zijn vaste planten uit de kaasjeskruidfamilie (Malvaceae), een grote, economisch belangrijke familie met o.a. producten als cacao, katoen en de kolanoot.

Groot- en klein kaasjeskruid (Malva Sylvestris en Malva Neglecta) komen overal voor in Europa en West-Azië op stikstofrijke, bewerkte gronden. Je vindt ze dus vooral bij boerderijen, wegranden, akkers, langs fietspaden, braakliggende grond, heggen, langs muren en weilanden.

Malva is afgeleid werd van het Hebreeuwse woord 'malluah' = saladeachtige groente. De Nederlandse naam kaas is afgeleid van de vruchtvorm, die iets van een Goudse kaas wegheeft.

Rond de 8ste eeuw v. Chr. Werd kaasjeskruid als groente gegeten door zowel de Egyptenaren als de Armeniërs en de Syriërs. In de bijbel wordt het vermeld als voedsel in tijden van hongersnood. Ook de Romeinen aten de plant bijna in zijn geheel. Zij aten het zaad, kookten de bladeren als kool en aten ze als voedzame groente.

Tijdens de Romeinse tijd vermeldde Plinius de Oudere het dagelijks gebruik van een glaasje malvasap als bescherming tegen alle ziekten, ook bij de steek van een bij of een schorpioen. Bij bevallingen raadde hij aan om kaasjeskruidbladeren onder de kramende vrouw te leggen om de geboorte te versnellen.

Bij de Grieken beschouwden de volgelingen van Pythagoras de plant als heilig omdat de bloem zich naar de zon keert. Pythagoras adviseerde de plant ook om de geslachtsdrift tegen te gaan en als middel om de maag en het brein te reinigen.

Dioscorides zag kaasjeskruid als een tegengif voor verschillende vergiftigingen en heilzaam bij baarmoederklachten. Hippocrates gebruikte het dan weer bij wondverzorging van soldaten en inwendig als versterkend middel.

In de Middeleeuwen werd het kruid als ‘omnimorbia’ beschouwd: goed tegen alle ziekten of een allesgenezend kruid. Karel de grote liet kaasjeskruid verplicht aanplanten op al zijn domeinen.

In Engeland raadde Nicolas Culpeper het aan bij longziekten, wespensteken en bevallingen. Bij inwendig gebruik heeft kaasjeskruid een verzachtende werking op de bronchiale slijmvliezen, dus bij hoest, bronchitis, heesheid, laryngitis en angina. Een alternatieve hypothese voor de afleiding van de naam Malva is trouwens dat het afgeleid is van het Oudgriekse woord 'malassoo' = verzachten.

 

Plantenprofiel

 

Bloeitijd

 

Voorkomen

 

Gebruikte delen

 

Inhoudsstoffen

 

 

Werking

 

 

Indicaties

 

 

Contra-indicaties

 

 

Bijwerkingen

 

 

Interacties

 

 

Doseringen

 

 

Synergie

 

 

 

Literatuurlijst en Referenties * Top